28 november 2012 | nieuwspensioenen

‘Denk ook aan de ouderen van overmorgen’

Vicepremier en minister van Pensioenen Alexander De Croo heeft vandaag de nieuwe Federale Adviesraad voor Ouderen geïnstalleerd. Hij deed dat op de afsluitende conferentie van het Europees Jaar ‘Actief Ouderen en Solidariteit tussen Generaties’. Met de Federale Adviesraad voor Ouderen krijgen ouderen een volwaardig inspraakorgaan op federaal niveau. Tot nu toe hadden ze enkel een inspraakorgaan voor pensioenaangelegenheden.

De Federale Adviesraad zal samengesteld zijn uit 25 effectieve stemgerechtigde leden en 25 plaatsvervangende stemgerechtigde leden. Ook kunnen een aantal leden met raadgevende stem worden aangeduid. De effectieve en plaatsvervangende leden hebben ervaring binnen organisaties actief op het vlak seniorenbeleid, zowel op het federale niveau als binnen de verschillende taalgebieden in ons land.

De Federale Adviesraad heeft volgende opdrachten:

  • op eigen initiatief, op verzoek van de federale regering of van Kamer of Senaat advies uitbrengen omtrent pensioenen, gelijkheid van kansen, sociale integratie en bestrijding van kansarmoede, toegankelijkheid van de gezondheidszorg en mobiliteit (in zoverre deze aangelegenheden een federale bevoegdheid uitmaken)
  • jaarlijks de beleidsverklaring van de regering bespreken wat de aangelegenheden betreft die verband houden met ouderen
  • op verzoek van een regeringslid waarnemers afvaardigen naar in het kader van de EU opgerichte adviescomités en de kwaliteit evalueren van de dienstverlening aan de ouderen door de federale overheidsdiensten.

De Federale Adviesraad zal zich onder meer bezighouden met pensioenen, gelijkheid van kansen, sociale integratie en bestrijding van kansarmoede, toegankelijkheid van de gezondheidszorg en mobiliteit.

Bij de installatie sprak vicepremier en minister van Pensioenen Alexander De Croo de hoop uit dat de Adviesraad voor Ouderen ook aandacht zal hebben voor solidariteit tussen generaties. “De jongeren van vandaag zijn de ouderen van overmorgen. Heb dus ook oog en oor voor de situatie van de ouderen van de toekomst. Op lange termijn nadenken over de vergrijzing betekent ook voortdurend rekening houden met de generaties die na ons komen.”

Alexander De Croo ging tijdens de installatie van de Adviesraad voor Ouderen ook in op de twee uitdagingen waarvoor ons Westerse pensioenmodel staat: de sociale houdbaarheid en de financiële houdbaarheid. Sinds 1970 is de gemiddelde levensverwachting met 12 jaar gestegen terwijl de effectieve pensioenleeftijd met vijf jaar is gedaald. Tegelijkertijd wijzigt de verhouding tussen het aantal mensen die werken en het aantal gepensioneerden. In 2050 zullen voor er elke gepensioneerde nog maar 2,2 mensen zijn die werken. Vandaag is dat nog 3,8 en in 1950 toen het pensioenmodel werd uitgetekend waren er voor elke 65-plusser nog 7 mensen die werkten. “Ons pensioenmodel is enkel houdbaar als mensen bereid zijn om langer te werken en als we ook zorgen voor een hogere werkzaamheidsgraad, voor mensen die werken,” sprak De Croo.