24 november 2012 | in de persnieuws

‘Ik ben kneedbaar, maar de plasticine blijft blauw’

De Morgen, 24 november 2012 – Een nieuwe stroom van kritiek. Deze keer op het begrotingsakkoord. Vicepremier Alexander De Croo (Open Vld) heeft de voorbije drie jaar al heel wat moeten slikken. ‘Ik voel van mezelf dat ik veranderd ben. Zet veel meer een pantser op. Maar hoe je het draait of keert, politiek is Substral voor je ijdelheid.’ De reacties op het begrotingsakkoord, die had De Croo niet zien aankomen. Verontwaardigd bijt hij van zich af.

De vakbonden, de werkgevers en enkele economen hebben snel en ondoordacht gereageerd. Ze schieten vanuit de heup. Hoe vaak hebben wij niet moeten horen dat we het indexsysteem moesten moderniseren? Als je er dan eindelijk iets aan doet, dan verschijnen er prompt artikels: ‘Dit kost 500 euro aan een middenklassegezin.’ Wat moesten we dan doen? N-VA zegt nu: die loonmatiging is communistisch. Maar zij roemen toch juist het Duitse systeem? Wel, loonmatiging is een van de pijlers van dat model. Die inconsequentie verbaast mij enorm.

Is het dan de communicatie van deze regering die slecht loopt?

Heel veel bedrijven spartelen om boven water te blijven, heel veel mensen zijn bezorgd om hun job. Moet je dan als regering triomfantelijk naar buiten komen? We hebben een goed akkoord gesloten dat bewijst dat deze regering niet aan de kant blijft staan. Dat deze ploeg de fout niet bij anderen legt, maar de zaken aanpakt. Wat is een aanslag op de middenklasse? Ford Genk. Dat zijn tienduizenden mensen die op straat staan. Wie zijn job kwijtraakt, verliest 40 procent van zijn loon. Dat is een verlies aan koopkracht. Deze begroting is geen aanslag op de middenklasse, wel een bescherming ervan.

Natuurlijk raakt dit iedereen, maar we kunnen niet anders. We moeten allemaal samen aan loonmatiging doen om zoveel mogelijk mensen aan boord te houden. Je moet de zaken ook een beetje in het juiste perspectief plaatsen. Als je voor vijfduizend euro aan kasbons hebt – ik heb dat niet -, dan betaal je zo’n zes euro meer per jaar. N-VA schaft in Vlaanderen de jobkorting van 300 euro per jaar af. Dat is vijftig keer meer. (zucht) Je kunt ons blijven aanvallen. Misschien kun je ons de maatregelen van Leterme ook nog aanrekenen?

Doen de hogere inkomens wel een echte inspanning? Als gewezen Voka-voorzitter Urbain Vandeurzen zijn onderneming LMS voor 680 miljoen verkoopt, betaalt hij daar nul euro belasting op.

In ons land komt 79 procent van de fiscale inkomsten van 31 procent van de mensen. België heeft een zeer progressief belastingsysteem, waarvan ik trouwens voorstander ben. Maar er komt een moment dat die zwaarste schouders zich zullen afvragen of het allemaal wel de moeite loont.

Ik wil dat mensen die ervoor gaan, beloond worden. De onderneming van Vandeurzen stelt duizenden mensen te werk, de positieve neveneffecten zijn enorm. Kun je zeggen dat hij nooit bijgedragen heeft aan onze samenleving? Nee. Vandeurzen zal met dat geld ook geen eiland voor de Griekse kust kopen. Hij gaat het opnieuw investeren in onze economie.

Maar zal één ondernemer stoppen omdat je een belasting heft van vijf of tien procent op de verkoop van zijn bedrijf?

Moet je dan naar een systeem dat alle creativiteit doodt? Ik heb geen probleem met een belasting die speculatie aanpakt, op Eu- ropees niveau steunen wij die. Maar je moet ondernemers ook wat gunnen.

Alle ondernemers brengen offers omdat ze fier willen zijn op wat ze creëren. Ik heb hetzelfde gedaan: ik ben begonnen door mijn eigen pensioenfonds uit te kopen bij mijn toenmalige werkgever. Mijn vrienden verklaarden me voor gek. Ik had mijn ouders om geld kunnen vragen maar daar was ik te trots voor. De eerste twee jaar heb ik mezelf ook geen loon uitgekeerd omdat ik zoveel mogelijk mensen wilde aanwerven. Geloof me, ondernemers zetten hun geld niet op een Zwitserse rekening.

Bart Verhaeghe is zelfs verhuisd naar Zwitserland.

Voor wie succesvol wordt in ons land en dan zijn biezen pakt, heb ik geen sympathie. Omdat zij hun succes ook aan dit land te danken hebben. Aan ons onderwijs, aan de kansen die ze hier gekregen hebben.

Uw collega-vicepremier Johan Vande Lanotte vindt dat de ondernemers een politieke partij geworden zijn.

Ik deel die vaststelling. De ondernemers voelen, net als de vakbonden, de drang om zich te profileren. Ik begrijp hen. Het is al zo lang bon ton om ondernemers aan te vallen. Zij vragen zich af wie hen nog verdedigt. Ze verheffen hun stem omdat ze moeite on- dervinden bij het ondernemen. Ondernemers die echt de stap willen zetten naar de politiek, verwelkom ik met open armen.

Komt uw partij nog genoeg voor ondernemers op?

Ik zit niet alleen voor de ondernemers in de regering, maar voor alle mensen die ambitieus zijn. Hen wil ik steunen. Ik daag jullie uit: is er de laatste tijd een regering geweest die de loonkosthandicap in twee jaar tijd heeft kunnen halveren?

Maar heeft de premier die boodschap kunnen overbrengen?

Wij zijn Vlaamse premiers gewoon – een Verhofstadt of een Leterme – die zeer kort op de bal spelen. Di Rupo regeert met meer reflectie en afstand. Hij levert enorme inspanningen om zijn Nederlands te verbeteren, maar hij kan nog groeien. Het zal ook mijn taak als vicepremier zijn om snel te reageren, om de beslissingen van de regering helder uit te leggen.

Veel liberalen hebben het gevoel dat de top van Open Vld aan het stockholmsyndroom lijdt en zich te veel identificeert met Di Rupo.

Wij zijn niet meer de partij die de premier levert, wij zijn slechts de vijfde partij in deze coalitie. Dat moet iedereen stilaan gaan beseffen. Hoe vaak heb ik in mijn partij niet onder vuur gelegen omdat ik niet wou aanschuiven aan de onderhandelingstafel? Veel partijgenoten die nu kritiek geven op onze regeringsdeelname, zeiden toen net dat we aan tafel moesten gaan zitten. Wel, ik durf onze verwezenlijkingen in elke afdeling te verdedigen.

Kandidaat-voorzitter Egbert Lachaert noemt Open Vld ‘de kamikazepiloot in de regering’.

Egbert is een goede vriend van mij, jullie zullen ons niet tegen elkaar kunnen uitspelen. De afgelopen maanden hielden de Vlaamse kranten een wedstrijd om ons zo negatief mogelijk te portretteren. Ik weet niet welke krant gewonnen heeft, maar ze hebben wel allemaal erg hun best gedaan. Hoe vuiler je over Open Vld kon schrijven, hoe beter. Die periode als voorzitter was enorm belastend. Ik werd continu gematrakkeerd. Leuk is dat allerminst, je lijdt daaronder.

Maar als ik dan de verkiezingsuitslag bekijk… Die is niet om euforisch over te doen, akkoord. Maar we hebben godverdekke wel bewezen dat wie zei dat wij geen basis en geen verankering meer hadden, er niks van kende. Wij waren in oktober de derde partij van Vlaanderen.

Ik heb een probleem met wat ik ‘de journalistieke vrijblijvendheid’ zou noemen. Het is goed dat journalisten kritisch zijn, maar dan moeten ze ook kritisch voor zichzelf zijn. Als ze het mis hebben, moeten ze dat ook toegeven. Dat geldt voor onze partij, maar ook voor de regering. Eerst krijgt die kritiek omdat ze deze of gene maatregel niet neemt. Dan is het too little, too late. Wie ons de dieperik in geschreven heeft, moet nu zijn fout toch wel toegeven. Als men van ons een consequente houding vraagt, dan mag dat voor iedereen gelden.

De kritiek bij Open Vld komt toch vaak uit eigen rangen? Gwendolyn Rutten zegt dat de partij als een café met ruzie is, daar stapt niemand binnen… en volgens Lachaert is de partij een café dat lauw bier schenkt.Wie heeft gelijk?

Open Vld is een café waar soms gevochten wordt. Of beter, waar de lichten al eens flikkeren waardoor je de indruk kunt krijgen dat er gevochten wordt. Dat klopt en dat moeten we vermijden. Maar er wordt geen lauw bier geschonken. Dat betekent niet dat je niet eens moet nagaan welk bier er op je kaart staat, welke thema’s we naar voren schuiven. We hebben onze klassieke thema’s, maar misschien moeten we er wat fruitbieren bij zetten.

Veel liberale kiezers beschouwen Open Vld niet langer als de partij die haar klassieke thema’s verdedigt.

Ik wil wel eens zien hoe de kiezer ons in 2014 beoordeelt. Ik ben daar niet zo negatief over. Het is in ons land lang over staatshervorming gegaan. Nu gaat het over economische thema’s. Dat zijn onze thema’s en het is aan ons om de mensen te overtuigen dat daar genoeg stappen vooruit zijn gezet.

Als er één maatregel is die wordt verketterd door uw achterban, is het de regeling voor de bedrijfswagens. Staat u daar nog altijd achter?

(denkt na)

Veel zal ze niet opbrengen.

Dat weet ik niet. Er is ook niet alleen het financiële luik. Mensen kiezen nu milieuvriendelijkere bedrijfswagens, wat ik toejuich. Ik heb ook de scheeftrekkingen gezien, vennootschappen die wagens inschrijven voor de hele familie. Het is ook geen afgunsttaks, als privépersoon kun je de wagen kopen die je wilt. Ik blijf dus achter de maatregel staan, ik heb hem trouwens serieus kunnen bijsturen. Het klopt wel dat de regeling abrupt is ingevoerd, dat had ik liever anders gezien.

Een parlementscommissie zal zich buigen over een grootscheepse fiscale hervorming. Zal er echt enkele maanden voor de verkiezingen een consensus groeien over wat onze nieuwe fiscaliteit moet zijn? Dat gelooft u toch zelf niet?

Wat ben jij toch een NIP.

Een NIP?

Een negatief ingestelde persoon.

(Woordvoerder Tom Meulenbergs komt tussenbeide: misschien is het beter om van ‘kritisch ingesteld persoon’ te spreken.)

Allez, dat is dan een KIP.

En jullie zijn de PIPS?

Ja, wij zijn positief ingesteld. Ik vind dat geen verwijt. (lacht) Maar inderdaad, ik denk dat de grote fiscale hervorming voor de volgende regering zal zijn. De timing is zeer goed. Het parlement kan, meerderheid en oppositie samen, tegen eind 2013 een rapport opmaken dat als basis kan dienen bij de volgende formatie. Volgens mij zal zo’n rapport – samen met andere sociaaleconomische thema’s – de inzet van de volgende verkiezingen worden.

De beste manier om iets te begraven is toch een parlementaire werkgroep of commissie oprichten?

Er zijn er ook die goed werk hebben geleverd, zoals de Rwandacommissie. Niemand is toch tegen de uitgangspunten dat fiscaliteit eerlijker, motiverender en administratief eenvoudiger moet worden?

Net alsof er een consensus is over wat een eerlijke fiscaliteit is. Hoe verlaag je de lasten op arbeid: door andere zaken te belasten of door uitgaven te schrappen?

Ons fiscaal systeem is een kaartenhuis. Als je er één ding uithaalt, valt alles in duigen. We zullen elkaar hierover op het einde van de legislatuur spreken.

Kunt u in deze regering liberaal genoeg zijn?

Het is hard werken, als enige liberaal aan de onderhandelingstafel.

Enige?

Ah nee, we zijn met z’n tweeën. Didier Reynders is ook een liberaal. Al zijn de gevoeligheden wel anders in Vlaanderen en Wallonië.

Is het niet zo dat, ongeacht wat jullie doen, de federale ploeg altijd als een PS-regering zal worden beschouwd?

Maar dit is geen PS-regering! Bart De Wever zegt dat altijd, maar hij was wel de eerste die na de verkiezingen tegen Di Rupo heeft gezegd dat hij de premier mocht worden. Ik vind het te gemakkelijk om te zeggen dat de PS alles blokkeert. Drie maanden geleden kreeg ik te horen dat de Franstalige socialisten nooit een hervorming van de index zouden aanvaarden. Nooit. Wel, ze is er. Kijk eens naar Vlaanderen. Dat de Oosterweelverbinding in Antwerpen nog altijd geen stap verder staat, is dat de schuld van de PS? Dat de formatie in de Scheldestad niet van een leien dakje loopt, is dat de fout van Di Rupo?

Mist u het niet om ondernemer te zijn?

Het was een van de moeilijkste keuzes die ik ooit heb moeten maken. Toen ik de beslissing aan mijn medewerkers meedeelde, had ik tranen in mijn ogen. Maar ik heb de knop omgedraaid en het nog geen moment gemist. Ik loop eens per maand langs om te horen hoe het gaat. Maar het is veel minder mijn baby. Ik heb de eerste vier jaar van de onderneming meegemaakt. Ondertussen zijn we drie jaar verder. Ik heb er veel uit geleerd, maar uit politiek haal je nog veel meer voldoening.

Ik heb altijd een sociale insteek gehad. Mijn basisredenering om een eigen zaak te beginnen, was dat ik dan mensen kon aanwerven. Maar nu kan ik veel breder werken. Een avond in een parochiezaal spreken en mij daar helemaal smijten. Enkele mensen overtuigen. Die voldoening vind je nergens anders.

En dan slaat u de volgende ochtend de kranten open…

De laatste maanden als voorzitter hebben gewogen. Omdat je ook de onzinnigheid van bepaalde zaken ziet. Dan denk je: waar zijn we mee bezig en wat zal het morgen weer zijn? Maar dat hoort erbij. Als jullie slechte artikels schrijven, zagen ze ook aan jullie kop.

Maar niet op de voorpagina.

Dan nodig ik bij deze al jullie lezers uit aan jullie kop te zagen. Voilà. Dan zul je zien in welke wereld wij leven.

Mist u de Melsensstraat niet?

Nee. Het huis wacht op een nieuwe huurder.

Blij dat u ervan af bent?

Nee.

Een beetje toch?

Ik heb het zeer graag gedaan. De aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen was ongelooflijk boeiend. Maar op een bepaald moment moet je je wel afvragen wat de beste opstelling voor de partij is.

Mijn sterkste moment van de voorbije drie jaar waren de regeringsonderhandelingen. Ik wilde ook heel graag burgemeester van Brakel worden, maar dat komt hopelijk later nog.

Waarom vinden alle politici het lokale niveau zo leuk? Ook daar komen de mensen over van alles klagen.

Het is wel éérlijk gezaag. (lachend) Vergelijk uzelf niet met de Brakelnaar. Die staat toch iets hoger.

Zou u niet graag in de stad wonen?

Nee. Ik heb een tijdje in Brussel gewoond, een zeer aangename stad. Maar ik woon graag op den buiten. In het begin was het moeilijk om mijn vrouw uit te leggen dat ik graag weer in Brakel wilde wonen. Ik ben gebonden aan mijn gemeente. Ik ben meestal voor verandering, maar in dit geval niet.

Uw vrouw is ondertussen overtuigd?

Meestal. Af en toe zijn er oprispingen. Dan zegt ze: ‘Ik ben hier komen wonen voor u.’ Ik begrijp dat. De situatie is ook verschillend. Zij moet zelf naar Brussel rijden.

Went dat snel, de privileges van de macht, zoals het hebben van een chauffeur?

In het begin was dat een schok. Toen ik voorzitter werd, kreeg ik de vraag wie mijn chauffeur en secretaresse waren. Maar ik had nog nooit een secretaresse gehad, laat staan een chauffeur. Toen ik hoorde dat ik een woordvoerder had, dacht ik: waar is dat voor nodig? Ik voer het woord toch zelf. Achteraf heb ik mijn mening moeten bijstellen.

Maar ik zal van alles gemakkelijk afstand kunnen doen omdat ik het ook anders gekend heb. Ik krijg nog altijd de kritiek dat ik te veel zelf doe. Ik beantwoord de meest mails zelf. Ik breng mijn zoon ook nog twee keer per week naar school.

Politiek verandert je persoonlijkheid. Ik heb daar al veel over gediscussieerd met vrienden van buiten de politiek. Het dwingt je om veel, veel harder te zijn. Je moet goed met kritiek kunnen omgaan en ook veel kritiek geven. Politiek beïnvloedt je emotionaliteit ook zwaar. In vergelijking met drie jaar geleden zet ik veel meer een pantser op. En hoe je het ook draait of keert, politiek is Substral voor je ijdelheid. Ik ben van nature niet zo ijdel, maar je kunt er niet omheen. Je wilt in beeld komen, je punt maken, geliked worden. Alle politici willen dat. Ik voel van mezelf dat ik veranderd ben.

Kunt u dat pantser nog afleggen?

Als je uit de politieke wereld stapt wel. Ik weet dat men nu vaak zegt dat ik een harde onderhandelaar ben, terwijl ik mezelf anders bekijk. Vroeger was ik trouwens helemaal niet de persoon die het onderste uit de kan haalde. Het verandert je ook in positieve zin: die gevoeligheid voor de hele samenleving krijg je nergens anders.

Is dat wel een juiste houding voor een vicepremier? Dat je voor iedereen goed wilt doen?

Je komt op voor je eigen ideeën, niet voor de ene of andere groep. Bij zulke onderhandelingen mag je nooit vergeten dat elk regeltje een enorme invloed kan hebben op het leven van mensen.

Moet u niet meer voor uw achterban zorgen?

De dag dat een politicus een handpop wordt van de opiniepeilingen, stop ik ermee. Je kunt inderdaad op z’n Amerikaans aan politiek doen. Daar telt iedere opinie, daar wordt elk thema gepeild. Sorry, kies dan voor robotten, niet voor mensen. Natuurlijk luister ik, natuurlijk is mijn mening kneedbaar. Maar als je enkel rekening mag houden met een bepaalde doelgroep, dan ga ik iets anders doen.

Hoe kneedbaar is die mening?

Als je in termen van plasticine denkt: de kleur van de plasticine blijft hetzelfde: blauw. Op het eind van de onderhandelingen heb ik ingestemd met een lichte lastenverhoging voor werknemers die in de winst van hun bedrijf kunnen delen. Het maximumbedrag van die winstdeelname is wel opgetrokken, wat vele ondernemers vroegen. Daar ben ik in meegegaan. Johans rode handen hebben die ochtend de blauwe plasticine een beetje vervormd.