6 september 2018 | #SheDecidesDe eeuw van de vrouwin de pers

‘Waarom zouden we het potentieel van vrouwen blijven onderbenutten?’

Interview in De Standaard, 6 september 2018

Voor Alexander De Croo (Open VLD) is gendergelijkheid dé sleutel om de stormen van de volgende decennia te trotseren. ‘Hoe meer mannen en vrouwen gelijk zijn, hoe rijker de samenleving is.’

‘Een opdrachtboek voor mezelf en andere mannen’, noemt Alexander De Croo (43) zijn boek De eeuw van de vrouw. De ondertitel luidt, uitdagender: ‘Hoe feminisme ook mannen bevrijdt’. Dat zullen sommige mannen niet aantrekkelijk vinden, geeft hij toe, met een knipoog naar Theo Francken. ‘Zeggen dat een man geen lingerie mag dragen, geen handtas mag hebben, vind ik erg verengend. Dat is een nefaste exponent van gendernormering.’

Daarmee krijgt Team Wetstraat een pittige match, met Francken in de rol van masculist en De Croo als feministische opponent. De inzet: de rol die mannen spelen. Als goeie liberaal zet De Croo in op het individu. ‘Er zijn heel veel verschillende mannen, zoals er heel veel verschillende Vlamingen zijn, toch? Ik word gelukkig niet gedefinieerd door de plek waar ik vandaan kom, of door het feit dat ik een piemel heb. Laat staan dat zoiets me het recht zou geven of ontnemen om een handtas te gebruiken.’

Wat ons veel meer definieert, vindt de minister van Ontwikkelingssamenwerking, is de plaats van mannen en vrouwen in het beroepslandschap. Met veel cijfers als bewijs voert hij aan dat we beter moeten doen. Te veel mannen werken te lang en hebben geen tijd voor hun kinderen. Te veel vrouwen werken onvoldoende in het betaalde circuit en verzoenen zich met een zorgende rol. De genderongelijkheid die daardoor ontstaat, is een rem op onze toekomst. De moraal: in een klimaat van meer gelijkheid kunnen we onszelf ontplooien en gelukkig zijn.

Uw insteek is economisch. Bepaalt onze marktwaarde dan ons geluk?

‘Ik pleit er allerminst voor om meer te werken. Economische vooruitgang is een middel, geen doel. Maar nu werkt 44 procent van de vrouwen en slechts 11 procent van de mannen deeltijds. Waarom zouden we het potentieel van vrouwen blijven onderbenutten? Als vrouwen evenveel zouden werken als mannen, kregen we een economische groei van 12 procent. Gelijkheid betekent ook dat mannen en vrouwen evenveel zouden verdienen – nu bedraagt de loonkloof 8 procent. Dat evenveel vrouwen als mannen leiding zouden geven. En dat we daardoor allemaal wat minder in de ratrace zouden zitten.’

Misschien vinden vrouwen het fijn om verzorgend te leven?

‘Ik ken de redenering dat mannen en vrouwen, door variaties in de hersens en zo, biologisch verschillen. Ik geloof niet dat dat zo’n impact heeft. Mannen verschillen onderling even hard van elkaar als mannen van vrouwen. Er zijn veel voorbeelden die aantonen hoe landen met meer gendergelijkheid op veel geluksindicatoren beter scoren.’

U bedoelt de Scandinavische landen, die u idealiseert.

‘Meer gendergelijkheid, hoge werkgelegenheid voor mannen en vrouwen, de gelukkigste mensen. Draait het daar niet om?’Even aanvullen: saaie mannen, strakke omgangsnormen, groot alcoholprobleem en pornogebruik, hoge zelfmoordcijfers soms. En de vrouwen maken zich niet op.

‘Vandaag krijgt een moeder zestien weken verlof en een vader tien dagen, die hij vaak niet eens opneemt. Daarmee geeft de overheid de boodschap dat de vrouw de kinderzorg moet dragen. Daarom zeggen mannen in het bedrijfsleven dat het een risico is om een vrouw van dertig binnen te halen, en kiezen mannen andere mannen voor academische topfuncties. Er zijn erg veel mechanismen die vrouwen in de richting van de zorg duwen en dat fnuikt hun ambitie om zelf te kiezen.’

Niet de beste leerling

U bent vader van twee zonen. Hoe pakt u dat aan?

‘Ik ben niet de beste leerling. Niet ik, maar mijn vrouw werkt vier vijfde. Mijn kabinet telt meer mannen dan vrouwen, en de drie kabinetschefs zijn mannen. Het is een werk van lange adem voor iedereen.’

U bent een fan van vrouwen: ze denken beter na, concentreren zich beter, multitasken beter en zijn betere leiders. Arme mannen.

‘Met de opkomst van robotica en artificiële intelligentie beleven we de vierde industriële revolutie. Daarin gaat het meer om hersenen en creativiteit dan om spierkracht en zweet. Ik vind dat vrouwen meer het beste uit de mensen kunnen halen, omdat ze verfijnder te werk gaan en sterker staan. In elk bedrijf zitten verborgen talenten die op het glazen plafond botsen. Een groot verlies.’

De huidige regering is een mannenclubje, schrijft u. Ideologisch is het een match, maar qua omgang voelde u zich beter in de vorige regering, met twee vrouwelijke vicepremiers. Interessant.

‘Laurette Onkelinx en Joëlle Milquet zaten misschien filosofisch niet op onze golflengte, maar de interactie met hen was gebouwd op argumentatie en inhoud. De manier van beslissen was evenwichtig. De huidige regering telt veel meer mannen, en de beslissingen worden meer genomen op basis van macht en autoriteit. Aan zo’n tafel moet mijn mannelijke kant meer naar boven komen. Daarom zou ik het logisch vinden dat de volgende regering gendergelijk samengesteld is. Hoe meer diversiteit aan tafel, hoe beter de beslissingen.’

Denkt u dat u de mannen makkelijk mee krijgt om feminist te worden? Het woord drukt geen gendergelijkheid uit, niet?

‘Nee, het wordt door veel mannen ervaren als concurrentieel. Een stap vooruit voor de vrouwen lijkt een stap achteruit voor de mannen. Maar het is net omgekeerd. Kijk, we zullen onze manier van kijken moeten veranderen. Figuren aan de top, aandeelhouders, investeerders moeten er meer op drukken hoe belangrijk gendergelijkheid is. Dat een overheidsbedrijf als Bpost nu een exclusief mannelijk management heeft, zou een groot debat moeten opwekken.’